S = O + G...

 

S = O + G...

door Jos van Lent

Het is 5 augustus 2020. Net voor mijn vakantie vroeg Mireille Winkelmolen mij om een stukje te schrijven. Dat zou een mooi klusje voor mijn laatste werkdag voor mijn vakantie worden, dat was dat wat te optimistisch gepland.
Mijn laatste werkdag heb ik gisteren afgesloten door met een collega op de fiets op kraambezoek te gaan bij een andere collega. Fietsen is mijn hobby en het was prachtig weer. Beide collega’s had ik door Corona sinds maart niet meer ‘in het echt‘ gezien. Heerlijk om hen weer te ontmoeten!
De collega waarmee ik fietste komt heel veel in Brabant en was aangenaam verrast dat je op de fiets op andere plekken komt en veel meer ziet dan grote stallen. We hebben mooie afwisselende landschappen gezien. Naast de stukken met grote varkensstallen ook veel voormalige en gerenoveerde boerderijen met nieuw gebouwde hooibergen, fruitbomen, dierenweitjes, een theetuin of B&B. En bossen, stuifduinen en heide die al prachtig paars begint te kleuren. Het was dus een heel prettige laatste werkdag!

Zeker na die mooie afsluiting is het geen straf om dan op mijn eerste vakantiedag een stukje voor jullie te mogen schrijven. En even stil te staan, terug te blikken en vooruit te kijken.
De laatste dingen voor het werk zijn af en ik heb net nog wat dingen geregeld voor de Summit van de Oogst op 18 september.
En ook privé ben ik bezig met afronden. Dit voorjaar zouden we naar Sri Lanka gaan. Toen dat werd gecancelled i.v.m. Corona heb ik van de nood een deugd gemaakt en ben enthousiast begonnen met het buitenschilderwerk aan ons huis. Ook dat is nu gelukkig bijna klaar.
Terugkijkend herken ik mijn enorme ongeduld. Als ik ergens aan begin dan móet het zo snel mogelijk klaar. Tijdens de klus was het frusterend dat soms het weer niet meewerkt. Het regent of het waait te hard om te verven. Of de verf die er op zit moet eerst drogen voordat de volgende laag er op kan. En dat schuren en voorbereiden duurt eindeloos. En dan zit net er een mooi laagje verf op en dan waait er zand, blad of insecten in.
Soms lukken dingen niet in een week, niet in drie maanden of niet in drie jaar. En ik weet dat ik me daar niet aan moet ergeren….

Met datzelfde ongeduld ben ik ook aan de Oogst begonnen. In het eerste half jaar had ik -terwijl ik steeds verder in de U zakte- het gevoel: wanneer gaan we nu iets doen?
Het ‘in de U zakken’ staat op gespannen voet met het werken voor een bestuurlijke organisatie. Een bestuurder zit er vaak voor één of hooguit twee periodes. Of -wanneer zoals bij ons het bestuur tussentijds wisselt- nog korter. In die korte periode moet er dan wel iets gerealiseerd worden. Samen met mijn ‘aard’ om klussen zo snel mogelijk klaar te hebben voelt het heel onnatuurlijk om tijd te nemen om in de U te zakken.
Des te mooier was het besef dat het loont om de tijd te nemen. En om met een open blik in gesprek te gaan en geïnteresseerd te zijn en blijven in de ander. Ik wordt nog steeds aangenaam verrast door de mooie gesprekken die dit oplevert.
Dit inspireert me nog steeds en begint een soort van nieuwe normaal te worden. Maar die nog niet helemaal tot in mijn diepste aard is doorgedrongen, in ieder geval nog niet in mijn privé situatie.

En over de nieuwe normaal: de Corona crisis maakt veel los en zorgt dat we allemaal nieuwe keuzes willen of moeten maken. Eergisteren was in het nieuws dat de omzet van speciaalzaken (slagers, groenteboeren enzovoorts) fors is gestegen door Corona. Dat laat zien dat we als consument echt wel andere keuzes willen maken. En dat we kennelijk de kwaliteit en de herkomst van ons voedsel belangrijker gaan vinden dan de prijs of het gemak. Mooie ontwikkelingen die een steentje bijdragen aan de transitie van ons landbouw- en voedselsysteem.

Door Corona mis ik het ‘echte’ ontmoeten, zeker bij de Oogst van Morgen. Voor mij is de fase waarin de Oogst nu zit het ontmoeten belangrijk. Ik ben in de Oogst, samen met ‘mijn’ groepje bezig met nieuwe veehouderijconcepten. Dat is ook wat ik in mijn dagelijkse werk doe. Het is moeilijk om iets los te laten als het nieuwe nog niet concreet en/of onzeker is.


 Hoe ziet de toekomst van ons systeem eruit?

Ontwikkelaars van nieuwe concepten willen graag, maar aarzelen. Is dit wat de veehouders willen? Lossen we hiermee alle problemen op? Is dit wat de overheid wil? En zitten alle overheden wel op één lijn? Wat vind de Dierenbescherming en andere stakeholders? En zit de maatschappij er wel op te wachten? En is het uiteindelijk betaalbaar. Innoveren is in deze fase belangrijk.
Innoveren is het omgaan met onzekerheden, moed hebben en het simpelweg (gaan) proberen. Ik zie (weer) uit naar de fysieke ontmoeting met jullie. Ik hoop dat we mooie transities in gaan kunnen zetten! En dat mijn ongeduld daar aan bij draagt!

Jos van Lent