Het Grote Verhaal voorstelbaar maken op een kleine plek

Jan ten Tije – 10 augustus 2020


Nu, in deze periode dat ik deel mag uitmaken van de Oogst van Morgen, moet ik nog wel eens denken aan vroeger. Toen ik als kleine tienjarige jongen, geboren op het platteland, nadacht over mijn omgeving, de wereld direct om mij heen en daarbuiten. Dat nadenken en dromen over en bijdragen aan die andere betere wereld zat er al vroeg in.  Ik vond toen natuurlijk niet zoveel aansluiting bij mijn voetballende leeftijdsgenoten en voelde mij daardoor dikwijls ook wel wat alleen en af en toe machteloos.

Mijn opa heb ik nooit gekend, hij overleed op 42-jarige leeftijd, maar mijn overgrootvader en mijn oud-tante, die beiden erg oud werden (104 en 99), heb ik wel goed gekend. Hun sobere levenshouding en -stijl en de verhalen die ze hadden hebben op mij grote indruk gemaakt. Thuis en in de omgeving waar die verhalen zich afspeelden kon ik mij dit goed voorstellen. Ik voelde mij er daar fijn en veilig.
Nu vele decennia later ben ik nog steeds dezelfde persoon, met natuurlijk meer levenservaring. Maar die betrokkenheid met de omgeving en de gemeenschap is gebleven. Ook het dromen en het doen. Waar ik heel blij mee ben, is dat ik besloten heb deel te nemen aan de Oogst van Morgen, het leiderschapsnetwerk voor een duurzaam landbouw- en voedselsysteem. Via de Oogst van Morgen ben ik in contact gekomen met veel andere mensen en hun verhalen. Ik vond aansluiting in een netwerk van mensen die ideeën en dromen met elkaar durven te delen. En dat niet alleen, de deelnemers afzonderlijk en de groep als geheel bruist van energie om ook werkelijk wat te doen en die betere wereld te realiseren.  Wat in mijn jeugd is gezaaid, begint nu voor mijn gevoel te rijpen. Ik zie uit naar de oogst.
De Oogst van Morgen voelt vertrouwd en veilig. Als het over dromen durven delen gaat, dan deel ik graag mijn verhalen. Bijvoorbeeld over het gebiedje tegenover de plek waar ik woon in Markelo.


Zoals dat met veel (cultuur)landschappen gaat: ze veranderen. Als gevolg van veranderende natuurlijke omstandigheden of door menselijke activiteiten. Ook het landschap in dit gebied veranderde al voordat ik er was. Ook tijdens mijn leven zag ik veranderingen. Van kleinschaligheid kwam er meer grootschaligheid, het gebied werd minder toegankelijk, de biodiversiteit verminderde, et cetera. Daarover maak ik me zorgen en tegelijkertijd droom ik over hoe het landschap zou kunnen veranderen en wil ik stappen zetten om die richting op te bewegen.
Tijdens een van de gesprekken met een aantal deelnemers van de Oogst van Morgen werd ik aangezet tot het maken van een collage van “mijn gebied” en een beschrijving van het veranderende landschap daarin.  Om een beeld te geven van een toekomstig landschap, gemaakt door een nieuw landbouw- en voedselsysteem, dat mij zou inspireren. Hieronder het resultaat in woord en beeld.

Waar is dit gebied?
Dit is in het buitengebied van Markelo, een gebiedje tegenover ons huis, de boerderij van mijn voorouders. Het is aan de Oude Rijssenseweg. Een relatief laag gebied tussen twee hoge koppen van stuwwallen (uitlopers van de Sallandse Heuvelrug). Op de achtergrond zie je de “Herikerberg”. Nu bebost met naald- en loofhout.  Er vindt waterwinning plaats door Vitens. Achter het punt waar de foto is gemaakt, dus achter je rug,  is het hoger en ga je richting de “Friezenberg”, deze ligt in natuurgebied “De Borkeld”. Daar is het landschap divers, heide, bos, weilanden, akkertjes en stukken veen.

Hoe is het gebruik van dit gebied?
Vanaf de plek waar de foto is genomen kijk je als het ware naar beneden, het “beekdal” in. Deze “Holtdijksebeek”, of plaatselijk beter bekend als de “Potbeek”, loopt direct achter het maisperceel langs. Op de luchtfoto is het tracé te zien. De luchtfoto toont ook hoe de beek gekanaliseerd is in de jaren ’70, tijdens een ruilverkaveling. Voor de ruilverkaveling kronkelde deze beek meer en was deze veel minder diep. De redenen van de ingrepen in de bodem en het watersysteem in die tijd zijn goed te begrijpen. Het werd voor de boer eenvoudiger om het land te bewerken en meer te produceren.
De huidige beek / watergang, draineert de bodem. Water (kwelwater, afkomstig van de stuwwallen), komt hierin terecht en wordt afgevoerd. Het gebied verdroogd al jaren. Voordeel is dat je tot aan de watergang mais kunt telen, want de grond is in het voorjaar al droog genoeg om er met tractoren op te gaan om het mais te zaaien en in het najaar te oogsten.
Voor de ruilverkaveling was het gebied erg nat. Zo nat zelfs dat er riet geteeld werd, iets anders kon op sommige plekken niet. Hooien van gras was in de zomer nog wel mogelijk. De foto van mijn familie bezig met het snijden van riet is genomen op ongeveer de plek waar nu het mais staat.


Stukje geschiedenis, governance en grondeigendom in dit gebied
Tot omstreeks 1850 was de grond gemeenschappelijk bezit. Over het gebruik door boeren werden afspraken gemaakt in de Marke. Het gebied was toen, landschappelijk en qua gebruik, één gebied. Na opheffing van de marken werden de gronden verdeeld in percelen en privébezit van verschillende boeren. Op perceelsgrenzen kwamen greppeltjes en houtsingels, o.a. voor veekering en hakhout. Het gebied werd diverser.
Na introductie van kunstmest en prikkeldraad rond de vorige eeuwwisseling verdwenen de houtsingels langzamerhand. De echte grootschalige verandering van het gebied kwam na de ruilverkaveling in de jaren ‘70. De waterhuishouding ging op de kop (kleine slootjes verdwenen, enkele grote diepe sloten werden aangelegd). De resterende houtsingels werden grotendeels verwijderd. Wat overbleef was een monotoon gebied met gras en mais en enkele bomen als relicten van de houtsingels.
Sindsdien zijn een groot aantal boeren, die rond het gebied woonden/wonen gestopt. De grond is nu, zo’n 50 jaar later,  voor een deel in eigendom bij boeren elders, het grondgebruik is nog ongewijzigd en intensief.

Wat heb ik met deze plek / dit gebied?
Ik ben hier opgegroeid. Mijn overgrootvader, 104 geworden, ik heb hem nog gekend, heeft op het hogere deel een stukje heidegrond ontgonnen in het grijze verleden. Zoals ik eerder beschreef sneed mijn familie in het lagere deel nog riet in de winter, ongeveer op de plek waar je nu het mais ziet.
Ik wilde graag wat doen, samen met anderen. Het gebied helpen, maar ook de mensen die er wonen en werken.  Voor nu en voor later. Zo’n 20 jaar geleden heb ik een landschapsstichting opgericht, 15 jaar geleden hebben we bijvoorbeeld een wandelpad aangelegd langs de beek. Ook heb ik samen met een aantal boeren zo’n 15 jaar geleden een agrarische natuurvereniging opgericht en hebben we enkele houtsingels bij boeren opnieuw aangelegd en een bestaande bosrand hersteld. Daar zag ik pas weer heide staan.
Ondanks die projecten was er nog steeds de verdroging, de vruchteloze bodem, de intensieve landbouw, het relatief onaantrekkelijke landschap, het gebrek aan biodiversiteit, de druk vanuit de markt op de boeren, de individualisering en ontevredenheid. Het zijn allemaal redenen waarom ik denk: Het is op, Het is tijd voor iets nieuws, Het is tijd voor nieuwe inspiratie! En dan niet alleen projecten uitvoeren, maar ook sleutelen aan het systeem. Omdat het landschap uiteindelijk toch het resultaat is van een systeem.
Juist omdat ik vind dat landschap en natuur niet los vanuit landschap en natuur alleen moeten worden benaderd, maar in samenhang en verbinding met mens, voedsel, landbouw -  eigenlijk met alles - heb ik enkele jaren geleden samen met anderen coöperatie Markelokaal opgericht. Dat zet – heel klein – lokaal een beweging in gang, ook in dit gebied, hoop ik.

Hoe stel ik mij voor dat het gebied de komende 10-30 jaar verandert?

Het gaat om de toekomst, dus een foto kan ik niet maken. Voorbeelden van gebieden elders en inspirerende plaatjes van ontwerpers helpen mij bij het voorstelbaar te maken. Ook principes en voorbeelden van Commonland en in boeken helpen daarbij. Niet alleen bij het voorstelbaar maken van wat je ziet, maar ook van de wijze waarop we met elkaar, de bodem en de natuur in het gebied omgaan. Op zoek naar een nieuw landbouw- en voedselsysteem. Enkele gedachten die ik daarbij heb:


* 4Returns: herstel van inspiratie, herstel van ecologie, herstel van sociaal, herstel van economie (Commonland).
* Volgens de (ontwerp)principes van de permacultuur; gebruik maken van de kracht van de natuur, verbinding en organisch
* Grondgebruik aangepast aan de mogelijkheden die het gebied van nature biedt (en niet andersom)
* Herstellende landbouw, Mark Sheppard
* Inspirerend landschap, Berno Strootman
* Voedselbossen


* Lokale voedselteelt door en voor mensen, met elkaar
* Gezamenlijk grondgebruik, verantwoord gebruik van commons
* Veerkrachtig watersysteem en gezonde natuur
* Eerlijke economie met goed inkomen voor de boer
* Gericht op volhoudbaarheid en kunnen doorgeven

Ik hoop dat de Oogst van Morgen doorgaat en een beweging in gang zet en houdt door meer mensen – iedereen inclusief, boeren, burgers, buitenlui - deel te laten nemen en hen ook de mogelijkheid en de moed geeft om te durven dromen, deze te delen en samen de schouders te zetten onder een betere volhoudbare wereld.